[slideshow=26]
Bijna iedere Nederlander heeft wel eens van het Hoogovens Schaaktoernooi gehoord, minder van het Corus Schaaktoernooi en nog minder van het Tata Schaaktoernooi (logische vraag hierbij: is dit een schaaktoernooi voor baby’s?). Persoonlijk heb ik niet de drang gehad om eens naar dat toernooi toe te gaan en zeker niet in mijn eentje. Wel volgde ik het toernooi via de media, in het bijzonder via teletekst, waarbij je altijd 3 partijen ‘live’ kon volgen, nu maar 2! Van Rien van Wilgenburg weet ik dat je als amateur-schaker daar ook aan mee kan doen. Daarom is het een goede gedachte van onze gedreven voorzitter geweest om met een groep enthousiaste leden naar dit toernooi te gaan en in de vorm van een vierkamp op vrijdagavond tot en met zondagavond aan dit eminente schaaktoernooi deel te nemen. Verder kun je de topschakers van dichtbij gade slaan achter de borden met hun vlaggetjes erbij, de partijen op de schermen volgen in de speelzaal, naar het Paviljoen (= de schaaktent op de Dorpsweide) gaan om de uitleg bij de partijen van een bekend oud-topschaker te volgen, een gesprek aan te knopen met zo’n schaakgrootheid bij toeval of bewust hierop uitzijnd, zelfs kun je ze aanraken als je dat wilt (ik kon me nog maar net bedwingen). Ook kan je daar bekende Nederlanders of VIPS zo u wilt aantreffen, zoals ex-parlementariërs, politici van de provincie Noord-Holland, alsmede vertegenwoordigers van bedrijven die net als wij een schaakpassie bezitten. Zo trof ik allereerst Jan Nagel aan, die had ik wel willen aanstoten zeggend: “Wat doe jij hier? Je moest toch zo nodig weer een nieuwe partij oprichten, de rest laat je weer aan anderen over.” Maar wat zag mijn oog nog meer: Ed van Thijn versus Bas de Gaay Fortman jr, je begrijpt de dag kon niet meer stuk. Temeer omdat ik mijn tegenstander in de 3e ronde volkomen verpletterd had en ik in de prijzen was gevallen. Ik ging dan ook helemaal uit mijn dak, dat begrijp je wel.
Als amateur van iedere speelsterkte kan je in de vorm van een tienkamp, een vierkamp en een rapidtoernooi meedoen. De grootmeesters spelen in 3 groepen A, B en C gedurende ruim 2 weken met 3 rustdagen, ieder 13 partijen. Gespeeld wordt in sporthal De Mondriaan (ook de Barendrechters behalve ondergetekende en Jochem Liefrink speelden daar) , het Paviljoen, Café de Zon (daar speelde ik natuurlijk) en De Liefhebbers(?). Na afloop was het verzamelen in De Zon, daar was het zeer gezellig en kon ook gebiljart worden. De vrijdagavond na afloop van de partijen was ik samen met Robbert Meijer naar de commentaartent gegaan, maar daar bleek de zitting afgelopen te zijn. Bij vertrek wisselden we nog enige woorden met de dames aan de ingang, toen de commentator van dienst op deze dag verscheen Ivan Sokolov. Al terugwandelend raakten we vanzelf in gesprek. Hij bleek zelf een keer of 15 te hebben deelgenomen, maar bleek nu niet goed genoeg meer. Toen ik zei dat verschillende goede schakers bijv. Najdorf en Korchnoi toch ook heel lang op latere leeftijd hadden doorgeschaakt, was zijn antwoord: “Het schaken is erg veranderd, vooral door de komst van de schaakcomputer, dat is in het voordeel van de jongeren.” Ja, het is tegenwoordig zo dat je op je 15e al grootmeester moet zijn zoals Giri om mee te kunnen tellen.


