Maand: oktober 2014

  • Dordrecht 2 – Barendrecht/IJ’monde 1: Een concert in grote terts

    Op dinsdag 28 oktober deed het eerste team Dordrecht aan als onderdeel van haar wereldtournee.

    Steef had voor de muziek uit gespeeld en behaalde a capella een regelmatige remise (½-½).

    We speelden in het prachtige muziekcentrum Jubal, dat volledig was uitverkocht. Honderden groupies versperden de ingang, maar onze toppers hadden hier geen aandacht voor: er moest gewonnen worden!
    Zoals verwacht werd het een bloedstollend concert. De muziekstukken vlogen over het bord en menig speler kwam in ademnood.
    Zo halverwege de avond gaf mijn plus-min-lijstje een 5-3 nederlaag voor ons aan. Eigenlijk stond alleen Bert goed, maar Feike, Iroy, en vooral Tjerk-Peter bliezen een zware partij.

    De laatste, Tjerk-Peter dus, speelde een paar octaven te laag. Hij kwam tegen zijn snel spelende tegenstander al rap een pion, mineure stelling en heeeel veeeel minuten achter. Op een gegeven moment stonden beide klokken op 0,59. Alleen bij Tjerk-Peter waren het seconden en bij Victor minuten. In het toreneindspel bleef Victor fortissimo spelen. Te fortissimo. Tjerk-Peter slaagde er miraculeus in om de witte koning mat te zetten. Een wel heel belangrijk puntje (1½-½).
    Bert breidde de voorsprong uit. In een Schots partituur blies mijn tegenstander op de 10e zet een valse c-noot. Hierdoor kon ik hem langzaam maar zeker wegblazen en een beslissende aanval opbouwen en (2½-½).


    ———————–

    Feike stond volgens mij dus moeilijk, maar hijzelf zei dat het allemaal wel meeviel. In ieder geval kreeg hij een zware aanval over zich heen, maar wist voldoende tegenkansen te arrangeren tegen de zwarte koning. Remise dus (3-2).

    De overwinning kwam dus inzicht, maar het was zeer de vraag of deze haalbaar was in de resterende 3 partijen.
    Iroy opende te pianissimo en kreeg een dubbele aanval over zich heen: zowel op de koningsvleugel als door het centrum. Hij moest een kwaliteit geven, maar in gewonnen stelling gaf zijn tegenstander ineens zijn voordeel weg. Iroy harkte het punt snel en pijnloos binnen (4-2).


    ———————–

    Aan Robbert de schone taak het beslissende halfje te scoren. Hij had vlak na de opening ruimtevoordeel, maar beroerde daarna een aantal verkeerde snaren. Deze resulteerden in een beslissend kwaliteitsverlies (4-3).
    Dan André maar. In een Konings-Indiër viel hij aan op de koningsvleugel, terwijl zijn tegenstandster zoals gebruikelijk de centrale pedalen indrukte. Haar aanval kwam eerder en André dus in de problemen. Het eindspel van loper + 6 pionnen (wit) tegen loper + paard + 3 ponnen (André) zag er verloren uit. Wit liet echter toe dat André het paard kon offeren tegen een paar pionnen, zodat remise onvermijdelijk was. Bizar was het feit dat zij niet op de hoogte bleek van het scoreverloop en de remise zelf voorstelde.
    Hiermee ging André opgelucht akkoord en was de wedstrijd voor ons gewonnen! (4½-3½).

    Al met al een gelukkige overwinning, die straks wel eens heel belangrijk zou kunnen zijn.

    bardor2014.jpg
  • Bericht van de wedstrijdleider

    Afgelopen maandag was het weer spannend op de borden. Het derde team wist zich thuis op een prachtige wijze te revancheren na een mindere start en pakte in de tweede ronde de volle winst op Papendrecht/Albasserdam: 5-3.

    De meeste teamleden van het eerste team lieten zich afgelopen maandag niet zien om zich te sparen voor de belangrijke partij tegen Dordrecht vanavond. Met de wetenschap dat HZP gisteren met 5,5 – 2,5 wist te winnen van Spijkenisse zal het eerste vanavond vol aan de bak moeten.

    In de interne competitie naderen we de eerste helft van de winter competitie (16 rondes). In de B-groep staan drie personen gezamenlijk met 5 punten aan kop. Joost had gisterenavond afstand kunnen nemen maar verslikte zich in het slimme spel van Freek Kunst. Ook AC liet kostbare punten liggen!

    In de A-groep maakte Ed Lammens er wederom een potje van. Voor de tweede keer op rij gaf hij zomaar een mooie stelling weg en speelde te snel om het plan van Jean-Peter te kunnen doorgronden, erg jammer. Feike moest heel de avond tegen een pionnetje achterstand aankijken en ook zijn klok leek sneller te lopen dan die van Robert, een terechte remise. Ikzelf mocht het opnemen tegen Han. Het was lang geleden dat ik zo’n prettige partij speelde. Alles lukte en Han kon op geen enkele wijze een foutje van mij afstraffen. Dus mocht er voor het eerste nog eens een invaller nodig zijn; ik ben in bloedvorm!
    Jean-Peter en Robert voeren nu gezamenlijk de ranglijst aan. Leo, Pieter-Jan en Meindert zullen de komende ronden aan de bak moeten om degradatie te ontlopen.

    In de incidentele C-groep speelden Jan van Vlijmen (bye) en Meindert de Neef (bye) tegen elkaar. Met enig voorbehoud dacht mij ter oren te zijn gekomen dat Meindert had gewonnen.

  • Interne bekercompetitie

    In onderstaand overzicht staan de uitslagen van de eerste ronde van de interne beker (klik op het plaatje om het te vergroten). In het overzicht zien de winnaars tegen wie ze mogen spelen op maandag 1 december. Mocht je verhinderd zijn op die datum, dan kan je in overleg met je tegenstander de wedstrijd vooruit spelen.

    internebeker20142015.jpg

  • Witte rook, toch geen overwinning voor Barendrecht/IJsselmonde 4

    Zonder mijzelf met de bisschop van Rome te willen vergelijken, zijn er toch wel enkele overeenkomsten. De paus, want onder die titel kennen wij hem beter, is het hoofd van het bisschoppencollege. Een soort aanvoerder dus. Of ook wel: teamleider, zoals ik.
    Het verkrijgen van het ambt is in feite tamelijk eenvoudig. Zowel de paus als ik hebben onze bijzondere taak verkregen doordat de op ons uitgebrachte keuze door ons is aanvaard. Populair gezegd: wij zijn gevraagd.
    Vervolgens geniet de paus de hoogste, volledige, onmiddellijke, vrije en universele macht op het terrein van (i) het bestuur als op dat van (ii) het leergezag. Dat eerste heb ik ook. Heel concreet: ik wijs aan wie op welk bord speelt en, net als bij de paus, kan daartegen geen bezwaar gemaakt worden. Wat het leergezag (of beter: de kennis en toepassing van de leer) betreft: daar ontstaat een zeer wezenlijk verschil. Dat van mij is zeker niet beter dan dat van mijn teamgenoten, laat staan onfeilbaar.

    Welaan, op dinsdag 14 oktober reisden wij af naar een naburige parochie om de strijd aan te binden met Dordrecht 5. Wellicht denkt men dat het clerici niet is toegestaan met zulk een oorlogszuchtige instelling op pad te gaan maar de naam van de dag dwong ons als het ware daartoe. De teamindeling was uiteindelijk niet zo ingewikkeld; die werd deze keer eenvoudig bepaald op grond van de rating van de teamleden. Eén zetel was deze keer helaas vacant zodat wij met een kleine maar niet onoverkomelijke achterstand moesten beginnen.

    Monseigneur Van Orle mocht zijn kunsten vertonen op het centre court. Deze jongste bisschop van ons college kwam, naar eigen zeggen “… vrij sterk uit de opening, met een pion voorsprong en een betere stelling. Daaruit kwam een tweede pion winst na een spannende serie van ruilen, en na (correct) rekenen dat mijn tegenstander een vork kon zetten maar daar geen voordeel uit zou halen. Eindspel toren + 6 pionnen (a, b, c, f, g, h) tegen toren + 4 pionnen (a, f, g, h), ging daarna vrij gemakkelijk.

    Excellenties Mooijweer en De Hoop (beider naam geeft op prachtige wijze aan waaruit onze troost bestaat) op respectievelijk bord 3 en 7 wisten hun opponenten met soms krachtig soms doortrapt spel uiteindelijk een mooie plek in de Hades te bereiden.

    Ikzelf, als teamleider, had mijzelf net als vorige keer ingedeeld op bord 5, geheel overeenkomstig mijn ratingpositie binnen het college. Zonder al te veel te verklappen (sommige zaken vallen nu eenmaal onder het ambtsgeheim, zo ook mijn openingskeuze) wist ik na een zet of tien tegen inlevering van twee lichte stukken de dame van mijn tegenstander te veroveren. Gevolg was wel dat in het vervolg veel neerkwam op mijn art of defence maar die bleek deze avond uitstekend te functioneren. Uiteindelijk beging mijn tegenstander een kapitale fout.

    En of de duvel er mee speelde, om maar eens een toepasselijke tegenstander van alle rechtgeaarde mensen ten tonele te voeren, al onze zogenoemde zwarte monseigneurs (Kamman, Van Vlijmen en Kruijt) moesten vroeg of laat, door eigen fout of door geleidelijke verwurging, het spreekwoordelijke loodje leggen. Dat werpt natuurlijk de vraag op of hun het bisschoppelijk purper niet moet worden ontnomen. Zoals bekend ontbreekt het de teamleider aan formele bevoegdheid om teamleden uit hun ambt te zetten tenzij zij daar zelf om verzoeken. Reden voldoende om hen eerder met herderlijke zorg bij te staan. Immers: moreel is ons college tot onderlinge hulpverlening en solidariteit gehouden.

    Kortom, alle witspelers konden een vol punt op hun conduitestaat bijschrijven. Jammer genoeg behoorden maar vier van die spelers tot ons college. Uitslag 4-4 derhalve.

  • Schaken met octrooien (deel I)

    Wat heeft schaken met octrooien te maken, behalve dat het NK schaken voor bedrijfsteams vorige week zaterdag bij het Europees Octrooibureau in Rijswijk werd gehouden? Meer dan je dacht waarschijnlijk. Er zijn namelijk heel wat octrooien of octrooiaanvragen die op de een of andere manier iets met het schaakspel te maken hebben. De komende tijd zal ik hier wat voorbeelden geven. Niet alles wat de revue gaat passeren is in technisch opzicht even hoogstaand, maar de uitvinding van vandaag is dat wel. Bovendien het vermelden waard: deze staat op naam van niemand minder dan wijlen de kluizenaar van Pasadena, ook bekend onder de naam Robert J. “Bobby” Fischer, 11e wereldkampioen schaken (1972-1975) en misschien wel de grootste schaker aller tijden. Met hem is het slecht afgelopen, maar niet met zijn uitvinding.

    Titel: Digital chess clock
    Octrooinummer: US4884255
    Land: Verenigde Staten
    Uitvinder: Robert James Fischer, Pasadena, Calif. 91105
    Datum aanvraag: 5 augustus 1988
    Datum verlening: 28 november 1989
    Classificatie: G04F1/005; G07C1/28; A63F2250/1084

    octrooi-fischer.jpg

    Voor wie het schema niet onmiddellijk doorgrondt: inderdaad, het betreft hier de kern van de ons inmiddels zo vertrouwde digitale klok met de mogelijkheid om bij iedere zet er weer wat tijd bij te krijgen. De eerste conclusie (in het Engels: claim) bij dit octrooi (de conclusies bij een octrooi geven kort en bondig weer waarvoor precies bescherming wordt verkregen) is gericht op “A timing device for timing two events which comprises: a pair of clock means for timing two different events; compensation means coupled to said clock means for incrementing or decrementing each of said clock means … (etc.)“. Conclusie 14 richt zich zelfs helemaal op een schaakklok: “A chess clock for timing a competitive chess game comprising: a pair of clock means for timing each of the players of the chess game; a means coupled to said clock means for setting an initial time period for each of said clock means; a compensation means coupled to said clock means for incrementing each of said clock means … (etc.)“.

    Heeft Fischer terecht een octrooi gekregen? Het Amerikaanse octrooibureau heeft destijds bij zijn onderzoek naar de stand van de techniek in ieder geval niet iets gevonden dat hieraan in de weg zou staan. Maakt het voor ons iets uit of Fischer dit octrooi al dan niet terecht heeft gekregen? Nee, helemaal niets. Ten eerste heeft hij alleen maar een Amerikaans octrooi aangevraagd (en gekregen), dat verschaft buiten de Verenigde Staten geen enkele bescherming. Ten tweede is het octrooi al op 2 januari 2002 verlopen, naar ik vermoed omdat Fischer niet meer kon of wilde betalen voor de instandhouding ervan (hij leefde toen, als ik het goed heb, in ballingschap op de Filipijnen, omdat terugkeer naar de Verenigde Staten na zijn match tegen Spassky in 1992 in Belgrado niet meer mogelijk was).

    De bijdrage van Fischer aan de schaaksport gaat dus verder dan de inzichten en partijen die hij ons heeft nagelaten. Het is misschien wat overdreven om te zeggen dat we zonder zijn uitvinding nog steeds met de mechanische Garde- of Koopman-klokken (of erger nog, met hun Russische evenknie, die witte) zouden spelen, maar wellicht had de digitale klok zonder het adagium “Fischer klok” toch een minder snelle opmars gemaakt door onze geledingen.

  • Met de hakken over de sloot

    Afgelopen donderdag mocht ons tweede team aantreden tegen het eerste team van schaakvereniging Hoeksche Waard. Beide teams zijn gebrand om te promoveren naar de tweede klasse. Het beloofde derhalve een zware wedstrijd te worden.

    We werden aangenaam verrast door de prettige schaaksfeer en de goede verzorging door de dame achter de bar. De uitstekende cappuccino zorgde voor voldoende energie om er een mooie schaakavond van te maken.

    We begonnen de avond met een prettige voorspong van 1,5 tegen 0,5. Ed Lammens had eerder op bord 2 vooruit gespeeld tegen dhr de Mik (½– ½) en ook Peter Jan Gravendeel speelde vooruit tegen dhr van Dijk op bord vijf (1-0). Al snel bleek dat juist deze voorsprong voor de tegenstander een trigger was.

    Door omstandigheden moest onze vaste teamspeler Rien van Wilgenburg worden vervangen door Leo van Praag. Leo speelde op bord vier met zwart tegen dhr Op de Beek. Leo kwam prettig uit de opening ondanks een dubbel pion op de koningsvleugel wist hij al snel een positioneel voordeel te behalen met mooie “winst” kansen. Door een enige verslapping in de concentratie speelde Leo halverwege een slordige zet waarmee hij zijn tegenstander de mogelijkheid gaf om zich verder te ontwikkelen. Een toren eindspel waarbij Leo als snel zijn mooie vrijpion moest afstaan gaf aanleiding tot het aanbieden van een remise. De tegenstander van Leo wilde terecht nog even doorspelen. Gelukkig speelde zijn tegenstander niet geheel secuur en kon Leo zijn torens zo positioneren dat een remise onvermijdelijk bleek. (1-2)

    Op bord 1 speelde Rinus Bongers tegen dhr W. van Dijk. Vooraf maakte Rinus zich enigszins druk over zijn vorm. Al bijna een jaar geen fatsoenlijke pot schaak gespeeld en dan nu op het eerste bord! De opening van Rinus was gedegen en ook in het middenspel leek er geen vuiltje aan de lucht totdat de pionstructuur van zijn tegenstander zo goed was ontwikkeld dat het afruilen van stukken door de tegenstander een geliefd tijdverdrijf werd. Met nog maar enkele stukken op het bord en een koning die zowel op de damevleugel als op de koningsvleugel als verdediger moest optreden was het enkel hopen op een tactisch foutje van dhr van Dijk. Dit gebeurde niet en Rinus zag geen uitweg meer (2-2).

    Op bord zeven speelde John Bakker met wit tegen dhr van de Berg. John speelde zijn vertrouwde opening maar kon helaas op geen enkel moment indruk maken op zijn tegenstander. Zonder ook maar één keer druk uit te kunnen oefenen op de zwarte stukken werd besloten tot een forse afruil van stukken waarna zwart een mooie sterke witte loper met een goed gepositioneerde dame overhield. John kon alleen maar zoveel mogelijk de boel proberen te kiepen. Gelukkig was dit , mede door het niet al te agressieve spel van zwart, mogelijk en werd het remiseaanbod van dhr van Dijk maar zeer kort overwogen (2 ½ – 2 ½).

    Op bord 8 speelde Han Pijpers tegen dhr de Moor. Na een wat opportunistische opening van wit (hoeveel dreiging was er nu achteraf werkelijk?) wist Han prachtig te pareren en de mobiliteit van de stukken van wit behoorlijk te beperken. Zeker toen de rokade-mogelijkheid was verkeken en de toren op H1 buitenspel was komen te staan begon de druk van Han fors toe te nemen. Gelukkig zag zijn tegenstander een vol stukwinst over het hoofd en kon Han met waarschijnlijk de mooiste combinatie van de avond zijn tegenstander horendol maken. Een prachtig offer zorgde uiteindelijk voor de nekslag (2 ½ – 3 ½).

    Op bord drie gebeurde lange tijd niks. Onze teamspeler Robert Dortmond wist het te presteren om, en autopech te hebben, en een lege accu van zijn telefoon. Gelukkig kwam Robert om 7 minuten voor negen alsnog aan bij de speelzaal. Alhoewel gelukkig, hij had eigenlijk net zo goed niet behoeven te komen want zijn bijdrage tot de uiteindelijke score was nul. In een in eerste instantie gelijk opgaande partij wist zijn tegenstander in het tempo van Robert mee te gaan waardoor het tijdsverschil altijd ruimschoots in het voordeel van dhr van Driel bleef. Doordat er sprake was van een bijzonder complexe stelling en de voortdurende tijdsdruk had Robert onvoldoende tijd om zijn ingezette aanval daadwerkelijk tot een goed einde te brengen. Zijn tegenstander wist het initiatief over te nemen en kon daardoor met zijn toren de achterste lijn opzoeken. Robert verloor hierdoor een stuk en moest de partij opgeven (3 ½ – 3 ½).

    Op bord zes zou uiteindelijk de beslissing gaan vallen. Jean-Peter van Sprang speelde met zwart tegen dhr Bedeaux die met g4? opende. De verleiding is vervolgens groot om aandacht aan deze pion te schenken maar de diverse mogelijke valletjes kunnen het beste worden ontweken door eenvoudig weg te ontwikkelen. Jean-Peter wist prima spel te bieden en creëerde een wel haast surrealistische stelling door zijn zwarte pion op e4 te positioneren. Paard op d3 en dame op f3 terwijl de witte koning de velden g1 en f1 tot haar beschikking had. Wit wist zich echter razend knap te verdedigen en, ook nadat Jean-Peter al zijn andere mogelijke stukken in de aanval had gepositioneerd, kon wit een definitieve dreiging voorkomen door buitenom via de zwarte dame vleugel zijn witte loper naar zijn zwaar aangevallen koningsvleugel te dirigeren. Zwart had nog meer ruimte nodig en offerde de ene na de andere pion op de f, g en h lijn op om zodoende zijn beide torens aanvallend op de open f en g lijn te kunnen positioneren. Ondertussen zag wit de bui al hangen en was alleen een dreigend mat een uitkomst. Wit verliet met haar dame de verdedigende stelling en kon met mat in twee de druk voor Jean-Peter fors opvoeren. Jean-Peter had vervolgens geen keus en moest met minder dan 2 minuten op de klok een forse kamikaze poging doen om definitief af te rekenen met zijn tegenstander. Met een bijzonder knappe combinatie sloeg hij met al zijn mogelijke slagkracht in op de koningsvleugel. Aftrekschaakjes, offers, schijnaanvallen en vorkjes, alles werd uit de kast gehaald, met als resultaat een werkelijk slagveld en twee torens en vier pionnen tegen een loper, toren en drie pionnen. Door enkele tussenschaakjes wist Jean-Peter de witte koning op een plek te krijgen waardoor de koning niet meer als verdediger kon optreden en Jean-Peter dreigde te promoveren. Sportief legde de tegenstander zijn koning neer. Ook aan de mooiste en moeilijkste partij van de avond was een einde gekomen (3 ½ – 4 ½).

    Met een positief resultaat tegen één van de beste teams uit de poule mogen we zeer tevreden zijn. Nu maar hopen dat onze vakantievierende teamcaptains ook content zijn met de uitslag.

  • Barendrecht / IJsselmonde 1: Een zwarte avond

    Op maandag 29 september debuteerden we in de openingswedstrijd van het seizoen.
    We speelden immers allemaal voor de eerste keer in de nieuwe combinatie Barendrecht / IJsselmonde. Dit keer zelfs aangevuld met een toetje uit de Hoeksche Waard, aan bord 8.

    Ten opzichte van het vorige seizoen zijn Robert, Jean-Peter, en John vervangen door de IJsselmonders Iroy en Steef en het jeugdtalent Bart. Bart is meestal verhinderd op de maandag en Ed viel dit keer voor hem in.
    Ons team is hierdoor behoorlijk versterkt, waardoor het mogelijk moet zijn om ons met een ruimere marge te handhaven dan afgelopen twee seizoenen.
    De vuurdoop voor onze nieuwe combinatie vond plaats tegen het sterke HZP Schiedam. Qua rating iets sterker dan ons, vooral aan de topborden.

    De avond begon voor ons inktzwart. André was het afgelopen seizoen als laatste klaar, dit keer opende hij het bal. Helaas was dit niet het enige verschil met afgelopen seizoen. André beleeft namelijk een inktzwart begin van het seizoen en bevestigde dit door al snel een stuk weg te geven (0-1).
    Bert kreeg met zwart een gesloten Siciliaan op het bord. Zijn voorzichtige tegenstander probeerde langzaam wat initiatief te ontwikkelen, maar erg veel stelde het niet voor. Het evenwicht werd nimmer verbroken. Achteraf een gemiste kans voor Bert, want hij was bijna de enige zwartspeler die niet won (½-1½).
    Ed had dit met wit beter in de gaten. Hij had in een wederom gesloten Siciliaan steeds een licht voordeel, maar vertrouwde het niet helemaal en nam genoegen met remise. Terecht, gezien de zwarte overheersing deze avond (1-2).
    Feike mocht aantreden tegen John van Baarle, een Fide-meester die zo‘n dertig jaar geleden tot de subtop van Nederland behoorde. En wat doe je dan met zwart? Je speelt gewoon het dubieuze Albin’s tegengambiet en wint vervolgens fraai. Ik snapte niets van de partij, dus speel hem zelf maar na (2-2).


    ———————–

    Bij deze 2-2 tussenstand zag het er naar uit dat de spanning nog meer zou oplopen. Iroy stond misschien op het bord gelijk, maar was in zware tijdnood en Tjerk-Peter had het ook niet gemakkelijk. Beiden speelden met de witte stukken, dus het zij hun vergeven. Steef en Robbert stonden met zwart (uiteraard) beter, zodat een 4-4 gelijkspel in het verschiet lag.

    Steef won inderdaad. Hij had al snel een pion gewonnen en wist het initiatief te behouden. De witspeler kwam de gehele partij niet onder de zwar(t)e druk uit. Zie de partij (3-2).


    ———————–

    Tjerk-Peter kreeg te maken met een sterke loper op b7 die zijn koning belaagde. Hij verergerde de situatie door twee vergiftigde zwarte pionnen te snoepen. Dit kostte hem een loper. Hij kreeg hiervoor weliswaar 3 pionnen terug, maar zwart had het initiatief en won vrij geruisloos (3-3).
    Iroy zat de gehele avond op z’n gemak tegen een Franse doorschuiver aan te kijken. Door de ineengeschoven pionnenformaties was de bewegingsruimte voor beide partijen beperkt. Iroy deed zijn best de boel op scherp te zetten, maar dacht daar wel erg lang over na. Op een gegeven moment had hij nog 4 minuten tegenover 40 minuten voor zijn tegenstander. Hoewel de stelling op het bord nog lang in evenwicht bleef, werd het tijdgebrek toch fataal (3-4).
    Aan Robbert de schone taak de stand weer gelijk te trekken. Na alweer een gesloten Siciliaan wist hij het zwarte voordeel met actief spel om te zetten in pionwinst. Later kwam er nog een tweede boer bij. In de tijdnoodfase werden hele en halve punten aangeboden, maar niet verzilverd. Uiteindelijk trok Robbert aan het langste eind en was het eerste matchpunt binnen (4-4).

    Een bloedstollende wedstrijd was het dus, met een terecht gelijkspel tegen een zeer sterke tegenstander. Ik ben geen zwartkijker als ik zeg dat dit een veelbelovend begin voor onze nieuwe combinatie was!

    barhzp2104.jpg
  • Het 3e team heeft een slechte start van het seizoen

    Op 2 oktober moest het 3e aantreden tegen Fianchetto 4.
    In de wetenschap dat we 3 sterke spelers thuis of in warmer oorden moesten laten. Vooruitspelen lukte helaas niet.
    Gelukkig hadden wij 3 goede vervangers.

    Aan bord 1 trad Wim aan in een partij die de gehele avond gelijk op ging en zo ook eindigde:
    1. Jan Weitering 1521 – Wim van Schelven 1573 ½ – ½

    Aan bord 2 mocht ik mijn ding doen, waar ik al in de opening een beetje afdwaalde door op ontwikkelingsvoorsprong te spelen. Dat kostte mij wel een pion en bleef ook een beetje bekneld staan. Gelukkig kreeg ik niet altijd de beste zet tegen en dat hield mij overeind. Aan het einde van de partij speelde ik op een mat in 3 of een kwaliteitswinst. Hij maakte de fout door op mat in 1 te spelen, waardoor de mat in 3 aan mijn voeten lag. Helaas maakte ik een fout door 2 varianten te verwisselen en de partij op kon geven. Ik wijt het maar aan vermoeidheid, normaliter overkomt mij dit niet.
    2. Fred van Gent 1556 – Stanley Brabers 1551 1 – 0

    Aan bord 3 mocht Paul van zich af bijten. Dit deed hij ook zeer goed en ging voortvarend van start. Hij kreeg daar ook het betere van de partij, maar kon niet doordrukken. In het eindspel leek het gelijk op te gaan, tot die belgische knol zijn stelling binnenkwam en het achteruitschaken werd.
    3. Tom Buitelaar 1519 – Paul Visschedijk 1442 1 – 0

    Aan bord 4 had Hans vanaf het begin zijn handen vol aan Wim en moest aanval op aanval pareren. Gelukkig deed hij dit goed en langzaam bloedde de partij dood.
    4. Wim van Mullem 1562 – Hans Kleinloog 1480 ½ – ½

    Aan bord 5 mocht de 1e invaller zijn ding doen en deed dat met verve. De partij zat vol met kleine valletjes en bleef dit tot het einde toe, waarop remise uiteindelijk een mooi resultaat was.
    5. Piet Sodderland 1599 – Eric van Orle 1405 ½ – ½

    Aan bord 6 speelde Arjo een mooie partij, met allerlei angels. Zelfs een waarbij zijn dame instond en een loper op vallen. Gelukkig wist hij dit goed op te lossen en kreeg als beloning een fraaie mataanval. Helaas werd deze gepareerd en ging de partij als een nachtkaars uit.
    6. Cas Sodderland 1477 – Arjo van Dijk 1380 ½ – ½

    Aan bord 7 moest onze 2e invaller het laten zien. Dat deed hij zeker, vanaf het begin ging hij frontaal in de aanval. Helaas vergat hij de 3e gouden regel toe te passen en dat werd hem uiteindelijk fataal. Johan bracht zijn torens langszaamaan in het spel en wist deze in stelling te brengen op de koning. Dit kostte Meindert zijn dame en de partij.
    7. Johan Knijff 1547 – Meindert de Neef 1439 1 – 0

    Aan bord 8 moest inze 3e invaller zijn kunsten tonen. Dat was aan Ab wel besteed en schoof alras de partij dicht. Hier wist geen van beiden de goede voortzetting te vinden en beslote ndus tot remise
    8. Serge Fedorin 1522 – Ab Kruijt 1289 ½ – ½

    Natuurlijk feliciteren wij Fianchetto 4 met de overwinning, maar wij blijven toch met een wat wrang gevoel achter en zijn van plan om de volgende wedstrijd toch maar eens wat recht te zetten.
    Fianchetto 4 1538 – Barendr/IJ’monde 3 1445 5½ – 2½

  • Het is maar hoe je het bekijkt

    Ik hoop maar dat mijn tegenstander het niet echt zo ervaren heeft (bron: verslag van HZP Schiedam).

    van-baarle-liefrink.png

  • Wat was het weer spannend!

    Afgelopen maandag was weer eens zo’n avond waarbij bloedstollende gebeurtenissen elkaar in rap tempo opvolgden en zorgden voor de nodige stress bij de aanwezigen. Uiteindelijk bleek het weer een mooie schaakavond te zijn geworden!

    De spanning begon eigenlijk direct na de schaaklessen voor de jeugd. Om 19:45u komen de ouders hun kinderen doorgaans weer ophalen. Het is dan toch altijd weer bijzonder spannend of de juiste ouders de juiste kinderen meenemen en of geen van de mormels achterblijft. Gelukkig ging het weer goed, alleen verdween de eerste stress toen nog niet helemaal. De plaats van de kinderen werd namelijk al snel ingevuld door een stel fanatieke en gespannen schakers die er met zijn allen weer veel zin in hadden. Op acht borden zou weer ouderwets gestreden gaan worden!

    Tegen 20:00u liep de spanning zo hoog op dat diverse aanwezige in de speelzaal het niet meer aankonden en tegen alle schaakgewoonten in de mobiele telefoon tevoorschijn haalden. Er werd een schaker vermist én deze bleek telefonisch ook nog eens onbereikbaar, de spanning was te snijden. Om exact 20:00u was de speler terecht, waarna vervolgens na 1 minuut andere, geheel vreemde, heren gespannen op hun klokje keken; het was 20:01u. Het tikken met nagels op de wijzerplaat was duidelijk hoorbaar. Enigszins onder druk, en om de spanningsboog te laten slinken, werd direct begonnen met de indeling! Om 20:10 werd, nadat de wedstrijdleider nog even enkele huishoudelijke mededeling had gedaan, begonnen met de wedstrijden. In de B-groep werd men langere tijd in onzekerheid gehouden. Het was immers nog maar 20:12u en indelen voor 20:15u is erg ongebruikelijk. De komende 3 zinderende minuten zouden antwoord geven op de vraag of Lies of Erik zich nog zouden melden voor een wedstrijd. Om 20:15u viel de druk weg en werd ook voor de B-groep de indeling bekend.

    Nadat iedereen achter zijn bord had plaatsgenomen konden de klokken worden aangezet en wachtte een spannende schaakavond. Binnen drie minuten leidde een onverwachte zet al tot forse spanning in de B-groep. Dit was de aanzet tot de eerste schermutselingen. Ab Kruijt broeide namelijk op een spannende openingswending en ambieerde wel eens wat anders. Hij durfde de uitdaging wel aan; binnen enkele tellen werd Roel als extern wedstrijdleider ontslagen c.q. ontzet door Ab en nam Ab ongevraagd zijn functie over. Gelukkig zonder verder bloedvergieten en zonder enige vorm van tegenspraak nam Bert Schipper (in plaats van de in functie gepromoveerde Ab) plaats tegenover Erik van Orlé voor hun wedstrijd.

    Erik speelde op bord 4 een snelle partij tegen Bert en won deze uiteindelijk overtuigend. Dat was wel anders dan in de partij tussen Roel en Joost. Roel speelde op bord 6 een, naar eigen zeggen, uitstekend beheerste Franse opening. Joost raakte echter nooit in paniek, alhoewel de spanning van zijn gezicht was af te lezen. De door hemzelf opgelegde druk maakte de partij boeiend en spannend. Uiteindelijk wist Roel geen goed vervolg te geven aan zijn Franse opening en mocht Joost in het middenspel een loper van Roel van het bord halen zonder compensatie. Weer een knappe overwinning voor Joost!

    Op bord drie speelde Arjo tegen Marcel. Met wit kwam Arjo prima uit de opening maar toen hij in het eindspel een vorkje over het hoofd zag wist Marcel hier prima van te profiteren. Ook Jan van Vlijmen (spelend op bord 7) bleek zijn vorm van vorige week te hebben vastgehouden en wist betrekkelijk eenvoudig, en zonder de leeuw, van een veel te optimistische Cees Zuydweg te winnen. Op bord 5 mocht Freek met wit zijn koppositie verdedigen tegen zijn eeuwige rivaal AC. Tot op het laatst was het een erg boeiende en spannende partij met aan het einde een uiterst teleurgestelde Freek. Zelfs de gebruikelijke salon remise was nooit in beeld!

    Op bord 1 speelde Robert Dortmond tegen Wim van Schelven. De nog ongeslagen Robert was vast beraden geen verlies toe te staan. Rustig werd er naar een remise geschoven en leken beide hiermee content te zijn. Meindert speelde op bord 2 veel te snel tegen Han, waardoor Han eigenlijk betrekkelijk eenvoudig won. Ook voor Meindert lijkt de promotie naar de A-groep te aangrijpend en mag hij niet tevreden zijn met zijn score van nul uit drie. Op bord 8 tenslotte bleek de spanning en de druk voor John Bakker bij de derde zet al te groot. Zonder compensatie werd zomaar een pion weggegeven aan Jean-Peter van Sprang. Natuurlijk probeerde John wel te profiteren van de ontstane ruimte maar tegen Jean-Peter had dit nauwelijks zin. Na anderhalf uur wist John voor zichzelf de spanning toch weer naar ongekende hoogte te brengen door een remise aanbod te doen. Jean-Peter ging vrolijk mee in deze bijna bloedstollende wending in de partij door meer dan een minuut lang te wachten met het geven van een reactie. 1-0 voor Jean-Peter!

    Bovendien mogen ook wel eens de complimenten worden gemaakt naar de spelers die in de andere zaal een partijtje speelden. We hebben op geen enkel moment overlast behoeven te ondervinden zodat wij in alle rust een spannende 4e ronde konden spelen!